Hortend en stotend sleept de toeristenbus zich over
de Moravische wegen. Het zitcomfort is minimaal, de
achtervering heeft sinds lang de geest gegeven, de
airco compenseert het gebrek aan vermogen door nu
en dan een verfrissend straaltje water op de reizigers
los te laten, maar geen passagier die zich daardoor
uit het veld laat slaan. Geen wonder, wij zijn mensen
met een missie, op zoek naar de smaak van Moravië.
Op invitatie van importeur Vinice en het Tsjechische
Bureau voor Toerisme heeft een tiental Nederlandse
wijnjournalisten een driedaagse speeddate met de wijnbouwers
van Zuid-Moravië, de streek waar meer dan 95%
van de Tsjechische wijnen uit afkomstig is. Het totale
wijngaardoppervlak beslaat 19.500 hectare, verspreid
over vier subregio’s : Znojmo, Mikulov, Velke
Pavlovice en Slovacko. Zuid-Moravie, dat op dezelfde
breedtegraad ligt als de Elzas, kent een relatief
mild klimaat, met een gemiddelde temperatuur van min
2 graden in januari en plus twintig graden in juli.
Hete dagen worden afgewisseld met koude nachten en
de zomerse hitte wordt van tijd tot tijd verzacht
door verkoelende winden uit het hoogland.
Gastheren Steven Ryan (Vinice) en Jan Rokyta (Vinoloog
van het jaar 2010) zijn trots op de streek en vertellen
honderduit over het groeiende succes van de wijnen,
die geleidelijk hun entree maken op de Europese concoursen.
Hoewel deelnemen vooralsnog belangrijker is dan winnen,
is dit niet zonder betekenis in een land met de grootste
bierconsumptie ter wereld.
De streek Znojmo is nauw verbonden met het Oostenrijkse
Weinviertel. De grens loopt in feite dwars door de
wijngaarden heen, waardoor Oost en West in het tijdperk
van het communisme letterlijk door de wijn werden
verbonden. Maar die dagen zijn voorbij en het centralisme
van toen heeft voor een belangrijk deel inmiddels
plaatsgemaakt voor meer kapitalistische vormen van
management.
Een van die voormalige staatsbedrijven is Zvonin,
een acroniem van Zvojno en wijn. Voordat wij het hoofdkwartier
bezoeken, nemen wij een kijkje in de educatieve wijngaard
van Havranyki, waar vele oude Moravische druivensoorten
een plaatsje hebben gekregen. Manager Vladimir en
wijnmaker Karel voeren ons langs bekende soorten als
sauvignon blanc, pinot noir, chardonnay, merlot, grüner
veltliner en welschriesling, minder bekende
als Moravische muscat (muscat ottonel x prachtraube)
en palava (Müller-Thürgau x gewürztraminer)
en lokale curiosa met mysterieuze namen als de Todträger.
Onder het oppervlak liggen 300 jaar oude kelders,
deels volgebouwd met privéboxen waarin klanten
hun aankopen kunnen opslaan tot ze op dronk zijn.
Aan de kopse kanten van de ondergrondse gangen zijn
zitjes neergezet voor consumenten die dat moment niet
langer voor zich uit willen schuiven.
Bij de lunch proeven wij twee prettige, eenvoudige
wijnen die elk zo’n vier euro kosten. Veltliner 2010. Florale aroma’s,
stro; kruidig, strak, easy going. Prettige wijn, recht
toe recht aan, met een alcoholgehalte van slechts
11,5%. Muscat. Stuivend aroma van pure muskaat;
sappig, op het fruit. Vriendelijke zuren. Droog en
net zo licht als de vorige.
De droogheid van de beide wijnen is opmerkelijk in
een regio die van oudsher vooral bekend is om zijn
zoete wijnen. De binnenlandse vraag naar deze wijnen
is zo groot dat geen noodzaak is om zicht te richten
op de export. Maar is er dan wel noodzaak om te innoveren?
Het antwoord wordt gegeven in het hoofdkwartier van
Zvonin in het klooster Louka, een
barok gebouw van vijf verdiepingen met een verweerde
gevel, waarvan
de geschiedenis teruggaat tot de 12e eeuw. Tot in
de 18e eeuw gold het klooster als een centrum van
artistiek, economisch en spiritueel leven in de regio.
Na een periode van verval, toen het onder meer een
eeuw lang in gebruik was als kazerne, heeft het onder
het bewind van de nieuwe wijngigant zijn levendigheid
teruggekregen als toeristisch (wijn)centrum met een
tonneliermuseum, een galerie en andere wijngerelateerde
activiteiten. Over een week zal er bijvoorbeeld het
Burcakfest plaatvinden, het feest van de jonge wijn,
waar enkele duizenden toeristen worden verwacht.
Achter de wat rommelige façade van het gebouw
gaat een doordachte inrichting verscholen. De eerste
ruimte die je binnenkomt, wordt vrijwel volledig in
beslag genomen door een ruimte die het meeste weg
heeft van een supermarkt met slechts één
product: wijn. De lange stellingen bevatten nogal
wat flessen met een prijs van tussen de zes en de
acht euro. Best veel geld in een land waar het gemiddelde
maandinkomen nog geen 900 euro is. De proeverij zal
moeten aantonen of dat het waard is.
Tussen de beeldende kunst in de lange, door middeleeuwse
kruisgewelven overdekte kloostergangen staat een aantal
representatieve wijnen voor ons klaar. De Engelstalige
brochure belooft veel - “It is company policy
to produce quality varietal vines with soft fruit
and balanced acids and to give a clear expression
of local terroir” - maar de proeverij maakt
het helaas niet waar. Hoewel de etiketten na enige
studie vertrouwde namen blijken te bevatten als pinot
blanc, pinot noir, riesling, zweigelt, gewürztraminer
en sauvignon, kan de smaak van de wijnen ons niet
overtuigen. Op een enkele uitzondering na,zijn de
aroma’s nogal eens onzuiver en is de balans
tussen restsuiker en stevige zuur vaak zoek. De enige
twee die een beetje in de buurt komen, zijn een kruidige,
friszoete gewürztraminer auslese 2009 met geel
subtropisch fruit, tarte tatin en zachte, netjes verweven
zuren en een palava spätlese 2009 die speciaal
gemaakt wordt voor de cisterciënzer abdij in
het nabij gelegen Brno. Het voormalige staatsbedrijf
zit er niet mee: vrijwel elk van de 1.000.000 flessen
in de oude kelders zal zijn weg straks vinden op de
binnenlandse markt en de urgentie van vernieuwing
lijkt daarmee niet groot.
Hoe anders is het in Moravske Branice, in de subregio
Znojemska, waar wij een bezoek brengen aan het familiebedrijf
Trpelka & Oulehla dat in 1991,
kort na de val van het communisme, in het leven is
geroepen door Vaclav Trpelka en Lubos Oulehla en inmiddels
is uitgebouwd tot een modern bedrijf van 28 hectare.
De wijngaarden behoorden oorspronkelijk tot de kolchoz
maar zijn tegenwoordig deels in particulier bezit
en deels in pacht.
In de deuropening staat een vriendelijke bodybuilder
klaar, met armen als honderdjarige stokken en vuisten
die eruit zien alsof hij er elke dag twee vaatjes
van nieuw Slavonisch eiken mee samenknijpt. Met zijn
machtige knuist wijst hij naar de wijnbergen aan de
overkant van het bedrijf, waar vroeger het galgenveld
gelegen was. Tegenwoordig hangen er op de kalkachtige
bodem alleen nog maar druiven, waaronder sauvignon
blanc, pinot gris en chardonnay. Bezield vertelt de
blauwe reus over zijn streven naar biologisch geïnspireerde
‘geïntegreerde wijnbouw’. De druiven
worden handmatig geoogst en het rendement is laag,
ca. 30 hectoliter per hectare. De druiven vergisten
op temperatuurgecontroleerde vaten van roestvrij staal
en rijpen dan gemiddeld negen maanden verder op grote
eiken foeders.
De naam Regina Coeli (‘hemelse koningin’)
op het eenvoudige, goed leesbare etiket verwijst naar
de monniken van het klooster Rosa Coeli (‘hemelse
roos’), die hier negen eeuwen geleden al hun
eerste druivenstokken plantten. De proeverij toont
aan dat hun viticulturele erfgoed bij Trpelka &
Oulehla in goede handen is.
Na een prettige start met een frisse, lichte en soepele
Palava 2010 volgt een tweetal aansprekende
witte wijnen: Sauvignon blanc 2010. Bleekgeel met
groene reflecties. Expressieve neus, een beetje op
het Nieuw-Zeelandse af, met gras, buxus en brandnetel.
Sappig, fris en zuiver. De stevige zuren houden hem
mooi in balans. Chardonnay 2009 (oude stokken). Een
druif die net voor de toetreding tot de EU in grote
hoeveelheden is aangeplant. Licht en zuiver in de
neus, in de smaak rond, sappig, zuiver en op het fruit.
Over naar de rode wijnen. Na een tweetal ouwelijke
en onevenwichtige pinot noirs gaan de handen op elkaar
voor twee wijnen waarin het fruit uitstekend is bewaard. St. Laurent 2009 (40 jaar oude stokken).
Donker paarsrood, met aroma’s van paddenstoelen,
herftbladeren en minderalen. Vol, zuiver, supersappig
en met mooi ondersteunend zuren, waardoor de elegantie
blijft behouden. Merlot 2009. Indrukwekkende wijn
met sappig zwart fruit; breed, geconcentreerd en in
balans. Het hout is in de neus nog prominent maar
in de smaak al aardig geïntegreerd.
Welgemutst stijgen wij weer in de bus voor een bezoek
aan Vino Marcincak in de subregio
Mikulov, waar de naamgever zelf ons al staat op te
wachten. Petr
Marcincak geldt in Tsjechie als een van de specialisten
op het gebied van wijnen met restzoet, gemaakt van
traditionele druivensoorten. Het familiebedrijf beheert
op dit moment 105 hectare wijngaard in Mikulov, verspreid
over vijf dorpen. Groene oogst, lage rendementen en
eigen compost met behulp van ‘Californische
wormen’ zijn voor Marcincak vanzelfsprekend.
Hij toont zich trots dat zijn wijnen na een overgangsperiode
van vier jaar met ingang van het oogstjaar 2011 ook
officieel het predikaat ekologisch zullen dragen.
Hoewel Marcincak ook droge wijnen produceert wordt
de kroon op zijn assortiment gevormd door zijn botrytis-,
ijs- en strowijnen. Door het gunstige microklimaat
kwamen edelzoete wijnen vanouds al veel voor in de
regio. Voor strowijnen ligt dat anders. Voor Petr
Marcincak, die ermee in aanraking kwam op zijn reizen
naar het buitenland, is het eigenlijk een uit de hand
gelopen experiment. In 1995 ging hij zich er serieuzer
in verdiepen en vijf jaar later bracht hij zijn eerste
strowijnen, van blaufränkisch, riesling en welschriesling,
op fles. Hoewel de strowijnen slechts 1-2 procent
van zijn productie uitmaken, is hij hiermee de grootste
producent van Tsjechië.
Wij proeven onder meer:
Riesling spätlese 2009. Uit
wijngaard in Nvosedly met bodem van kalk en kiezel.
Beetje etherisch in de neus, met rozijn, kruiden en
mineralen. Zacht, smooth, en elegant. Gewürztraminer 2009 auslese.
Halfzoet. Stuivende aroma’s van lychee, rijpe
abrikoos en specerijen. Vol en zoet, met abrikozenkonfituur,
honing, noten; veel materie, in evenwicht gehouden
door de zuren. Bokova 2006, cuvée semi-dry.
Bokova is de Tsjechische naam voor ‘Sideways’.
Wie zich de gelijknamige film herinnert, zou wellicht
pinot noir of merlot verwachten maar hier betreft
het een assemblage van cabernet sauvignon en zweigelt.
Zwarte bessen, munt en pruimen in de neus. Vlezig,
met dik fruit, in balans gehouden door zijn zuren.
Riesling 2003,strowijn.
Uit dezelfde wijngaard als de eerste riesling die
wij proefden. Ambergeel, met rozijnen en rijpe citrus
in de neus. Weelderig zoet van honing, abrikoos, en
mandarijn. Romig; in balans. Fascinerende wijn die
voortdurend blijft spelen in de mond.
De zoete chardonnay en ‘klaret’ van St.
Laurent kunnen mij weliswaar minder bekoren, maar
mijn over all indruk van dit bedrijf is positief.
Hoewel Petr Marcincak van zichzelf zegt dat hij nog
lang niet is uitgeleerd, mag toch worden vastgesteld
dat zijn reputatie in de regio terecht is en dat zijn
stijl ook in de rest van de wereld in de smaak zal
vallen.
Het is een boeiende dag geweest, met een grote variatie
aan wijnen, opklimmend in kwaliteit. Onder de indruk
van de ervaringen begeven wij ons naar onze thuisbasis
voor de komende dagen, hotel Pavlov in Pavlov. De
naam is omineus; benieuwd wat die ons gaat brengen.