Eenmaal in Utiel-Requena aangekomen, was ik vast
van plan iets meer over de geschiedenis te weten te
komen.
Het is bekend dat de Grieken, de Feniciërs en
de Romeinen duizenden kilometers over de wereld reisden
en veel gebruiksvoorwerpen onderweg hebben achtergelaten
die door middel van opgravingen bewaard zijn gebleven..
Nederzetting
In de diverse musea zijn amforen, reliëfs, mozaïeken
en veel drinkbekers te vinden als getuigenis van de
gewoonten van deze volkeren.
En zeker is ook, dat ze zich hebben gevestigd in de
streek van Utiel-Requena. In het kleine dorpje Caudete
de las Fuentes, vlak bij Utiel, is gelukkig nog wat
bewaard gebleven. De geschiedenis leert ons dat deze
nederzetting behoorlijk groot is geweest en gelegen
was op een hoger gedeelte in de streek, wat toen de
gewoonte was. Vanuit grote hoogte kon men de hele
omgeving overzien waardoor ze zich veilig voelden
en omdat het beter te verdedigen was.
Opgravingen
Toen we o.l.v. een archeoloog naar de opgravingen
liepen, een afgebakend stuk grond met wat overblijfselen
van de eens bestaande stad, vonden we spontaan stukjes
aardewerk en na wat passen en meten hoorden die stukjes
zelfs bij elkaar dat te zien was aan de beschildering,
aan de lijnen en de kleuren die een eenheid vormden.
Eeuwenlang is er aan deze oude nederzetting geen aandacht
geschonken. De leefgemeenschap vestigde zich meer
in de dalen waar de wegen liepen en men liet de ruïnes
voor wat ze waren. Toen brak de tijd aan dat de agrariërs
meer land nodig hadden voor de wijnbouw en zeker de
meer hoger gelegen gebieden waren in trek.
Ze gingen zonder na te denken aan het werk, ploegen
de grond om en tot hun grote verbazing vonden de wijnboeren
overal oude munten uit diverse landen, waardoor men
kon vaststellen dat hier vroeger veel handel werd
gedreven.
Waar handel is, is geld, maar zijn er ook mensen die
moeten eten en drinken. Toen men eenmaal in 1956 met
opgravingen begon, zijn er nog diverse mooie oude
wijnvaten, kruiken, drinkbekers en borden gevonden
uit het verre verleden, namelijk uit zevende eeuw
voor Christus. Frappant is, dat aan de vormen weinig
veranderd is, want een bord van toen is precies hetzelfde
als een bord van nu.(de vierkante borden niet meegerekend)
Wijnbouw
Dat er zeker ook wijnbouw is geweest in die tijd
werd duidelijk toen men er druivenpitjes vond. Bovendien
zijn er diverse voorwerpen in de bodem gevonden waaruit
men kon vaststellen dat hier wijn gemaakt werd. De
Iberiërs maakten namelijk gebruik van grote stukken
steen, stukken van een rots, en probeerden zoveel
mogelijk een vorm te vinden met een gat in het midden,
met een opstaande rand die niet al te diep, maar wel
redelijk groot was, om daarin de druiven te gooien.
Alles was zeer primitief, maar wel goed doordacht.
De ondiepe grote steen lag wat hoger waarin men de
druiven met de voeten kneusde. In het grote stuk steen
werden gootjes gemaakt, waar de most naar een lager
gelegen stuk steen door kon lopen. Het had een opstaande
rand en was veel dieper. De most kon dan vergisten.
Daarna werd alles met een ronde steen afgedekt. Alles
gebeurde namelijk in de openlucht en het uiteindelijk
product, de wijn, ging in amforen.
Dit alles is te bezichtigen als je de “Ruta
del Vino” in Utiel-Requena volgt.
Mia Saez – van Eerd.
Copyright by : Wijnplein.nl | Jan Rook | | 17 bezoekers op de site